10 Tips voor het fotograferen van wildlife!

Mijn grootste hobby op reis is, naast het ontdekken van de verschillende culturen, toch zeker om dieren, wildlife, te vinden en ze dan te fotograferen! Het zoeken van dieren op reis is zo ontzettend leuk en wanneer je dan de soort vindt die je al uren of dagen aan het zoeken bent dan is dat alleen maar beter! Zo kwam ik in Australië op een gegeven moment eindelijk het vogelbekdier tegen en ook al zag ik deze soort daarna nog tientallen keren staat de eerste keer me nog steeds bij. Deze foto's kostte me ook de meeste moeite en zullen me altijd bijblijven - gelukkig heb ik ze ook af kunnen drukken.

In deze post zal ik erop ingaan hoe ik graag wildlife fotografeer en waar ik op let. Daarnaast zal ik een klein stukje voorbereiding aanhalen, want zonder voorbereiding kan ik je bijna garanderen dat je foto's niet hetzelfde zijn. Qua keuze voor lenzen, camera of wat dan ook is dit niet de beste post, want ik zal daar niet diep op ingaan!

1. Bereid je voor!

Een groot deel van fotografie is logischerwijs een stuk voorbereiding. Dat wilt zeggen dat je kan kijken waar je heen gaat en wat er leeft qua wildlife, maar het kan ook een stuk verder gaan en je kan zelfs je locaties selecteren op waar dieren veel voor komen. Belangrijk is dan om te kiezen welke dieren je zeker goed wilt fotograferen en je in te lezen waar zij zich in dit park veel ophouden. Ik zal even een voorbeeld geven: in het Kruger nationaal park leven er bijvoorbeeld meer leeuwen rondom Satara of in het zuiden, dan er leeuwen in het noorden leven! Daarom, wanneer jij leeuwen wilt fotograferen, is het aan te raden om te verblijven rondom Satara of in het zuiden van het park.

Dus: kijk naar wat er in het park leeft en waar het leeft. Daarnaast is het de moeite waard om het gedrag van de dieren te begrijpen. Om bij hetzelfde voorbeeld te blijven: een leeuw zal je toch vooral rondom schemering of in de nacht zien, in ieder geval vaker dan overdag. Helaas kan je niet altijd 's nachts zoeken naar leeuwen, dus dan blijft de schemering over om ze zekerder te zien. Het voordeel van schemering is dat je vaak ook nog eens mooi licht hebt! Ook het voedsel dat een dier eet kan belangrijk zijn en zo kan ik nog wel honderden voorbeelden geven. Waar het in feite om draait zijn de volgende punten:

  • Weet wat er in het gebied leeft
  • Ken het algemene gedrag van deze soort
  • Ken de beperkingen van het gebied
  • Kies welke dieren je zeker goed wilt fotograferen!
  • Gebruik aangeboden mogelijkheden

Met het gebruiken van aangeboden mogelijkheden bedoel ik dat je ook andere dieren moet fotograferen dan die je verwacht had te zien of verwacht had te fotograferen. Sommige van mijn beste foto's heb ik gemaakt toen ik eigenlijk op zoek was naar een ander dier. Op Borneo was ik aan het zoeken naar Orang-oetangs en kwam toevallig een prachtige gibbon tegen. Een buitenkansje en uiteraard ging het fotograferen van die gibbon voor het fotograferen van de Orang-oetang, omdat het veel zeldzamer is de gibbon te zien.

2. Huur een gids in

Een gids kent het gebied als zijn broekzakken en dit brengt een enorm voordeel met zich mee. Vaak weten ze ook nog eens welke dieren regelmatig waar worden waargenomen en wat de moeite waard is van het zien en wat niet! Daarnaast hebben ze ook contacten in het gebied en uiteraard is het daardoor gemakkelijker om te fotograferen wat jij wilt fotograferen. Overigens kan het ook nog andere extra voordelen hebben, zo kan je bijvoorbeeld opeens langer op pad, mag je in de nacht rondkijken of mag je zelfs officieel afgesloten gebieden in. Een gids kan van onkenbare waarde zijn en ik durf te zeggen dat sommige gebieden (bijna) niet te bezoeken zijn zonder een gids.

3. Gebruik het internet

Ik kan dit waarschijnlijk niet vaak genoeg gaan zeggen, maar gebruik het internet om je in te lezen en gewoon vragen te stellen. Over elk natuurgebied (of bijna elk natuurgebied) is er wel informatie te vinden en is er te vinden wie een goede gids is en wat je met en zonder gids wel en niet mag doen. In het Kruger nationaal park kan je met een gids namelijk een "night drive" maken. Een rit door de natuur in de nacht, waardoor je een enorme kans hebt om bijzondere nachtdieren te zien waaronder de serval, de Afrikaanse wilde kat en bijvoorbeeld leeuwen of luipaarden.

Verder zijn er ook een aantal websites te vinden die specifieke tips geven over het vinden van bepaalde diersoorten, zoals bijvoorbeeld mammalwatchinghref> een website waar je ontzettend veel informatie gaat vinden over het vinden van (bepaalde) zeldzame zoogdiersoorten. Het internet is een schat van informatie en er zijn ontzettend veel website die ik zou kunnen aanraden, maar uiteindelijk is google hierin je beste vriend zodat jij de wildlife kan vinden die jij wilt fotograferen!

4. Controleer je apparatuur

Zowel ter plekke als voor de reis kan ik je de tip geven om je apparatuur even na te kijken en duidelijk te hebben voor jezelf wat je mee wilt nemen. Het kan heel belangrijk zijn om alle filters mee te nemen die je wilt, maar vooral ook je telelens en dat soort dingen, zodat je zeker die ene mooie vogel of het zoogdier kan fotograferen. Dingen die je snel vergeet zijn bijvoorbeeld je reserve-accu, je tripod of misschien iets als schoonmaakdoekjes en dergelijk. Een vieze lens betekent al snel een foto die niet perfect is. Maak voordat je begint met reizen zeker even je sensor schoon! Of laat het doen bij een geaccrediteerd bedrijf.

Ik begin of eindig de dag dan ook vaak met het schoonmaken of het nakijken van al mijn apparatuur, niet omdat ik bang ben dat er iets kapot of vies is, maar wel omdat het soms gewoon gebeurd en ik al meer dan 1 goede foto daaraan kwijt ben geraakt.

5. Beeld jezelf een compositie in

Terwijl je door het gebied loopt of rijd is het goed om alvast na te denken over een soort van ideale compositie voor het dier dat je gaat fotograferen. Misschien heb je het je zelfs van tevoren al wel in kunnen beelden. Toen ik in Australië was wilde ik heel erg graag een kangoeroe vastleggen in de lente van Mt Kosciuszko en - nadat ik door het gebied was gereden - wist ik ook waar ik de foto wilde, precies op de camping waar we toch al stonden! Nadat we daar al 2 dagen stonden begon het allemaal een beetje krap te worden, maar uiteindelijk heb ik toch die compositie voor elkaar gekregen die ik graag wilde.

Mijn super simpele tip is dan ook om die compositie voor ogen te hebben en dan...

6. Neem de tijd en heb geduld

Heb je geduld! Een goede foto komt niet zomaar naar je toe vliegen - alhoewel er uitzonderingen zijn - en de beste kans om die foto te nemen die jij wilt is door geduld te hebben. Zelf spendeer ik soms uren of zelfs dagen in een hutje ergens of op een camping om die foto te krijgen die ik wil. Dat betekend ook dat ik sommige dingen niet zie die anderen wel zien. Zo ben ik maar twee keer naar de zonsondergang gaan kijken bij Uluru of Ayers rock, omdat ik graag een rode kangoeroe op de foto wilde krijgen bij de Kata Tjuta's.

Verder heb ik verhalen gehoord van fotografen die wekenlang zochten naar 1 specifieke soort of zelfs maanden bezig waren met het fotograferen van een enkel natuurgebied. Uiteindelijk gaat mij dat ook wat te ver, want ik verdien er niet echt geld mee en het blijft een hobby, dus ik hou het ook wel enigszins realistisch. Iets wat overigens bij de tijd nemen hoort is iets heel standaards voor het fotograferen van wildlife: het fotograferen wanneer de zon lager aan de hemel staat. Wanneer de zon hoog staat dan is het licht vaak te hard (buiten de winter om zeker) en dus krijg je foto's waarvan de scherpte weer afneemt of de kleuren niet mooi uitkomen.

7. Oefening baart kunst

Eigenlijk is dit logisch, want met zoveel dingen geldt dit: oefening baart kunst! Het fotograferen van wildlife kost je tijd, maar je wordt er ook steeds beter in. Wanneer jij een gebied opzoekt en een jaar later weer, terwijl je telkens hebt gefotografeerd, is de kans heel erg groot dat je toch betere foto's maakt ondertussen. Plus doordat je het gebied al kent en er al hebt geoefend is de kans gigantisch groot dat je dus beter hebt geoefend daar en uiteindelijk betere foto's krijgt. De optelsom is heel erg gemakkelijk en blijft over het algemeen waar totdat je een zeer hoog niveau hebt behaald, waarna de oefening steeds minder profijt gaat hebben, maar het ook steeds minder nodig is.

Gelukkig kan ik voor de meeste, mezelf inclusief, spreken wanneer ik zeg dat we nog genoeg te leren hebben qua fotografie. Daarnaast loopt wildlife nogal rond en vraagt het dus ook een bepaalde kennis. Sommige kennis kan je lezen, zoals op het internet, maar andere kennis moet je ook in de praktijk leren. Zo leer je sneller door te oefenen hoe dieren lopen, zich gedragen wanneer er roofdieren in de buurt zijn en waarop ze zullen reageren, waardoor je weet wanneer je de goede foto kan maken. Door oefening weet je vaak ook hoe de achtergrond zal reageren, alhoewel dit ook deels afhankelijk is van je apparatuur. Ik zal hier nog op terugkomen.

8. Gebruik een laag standpunt en het oog

Oké eigenlijk zijn dit twee punten, maar ik wilde het nog een beetje eerlijk houden met hoeveel punten ik echt op zou schrijven. Als eerste: een laag standpunt is ontzettend handig en zelfs belangrijk bij een foto. Door een laag standpunt kan je de focus nog meer leggen op je onderwerp en zelfs enigszins op zijn omgeving. Door het lage punt zal het onderwerp, in dit geval dus het dier, veel meer uitkomen in het plaatje zelf en lijkt het daardoor alsof de foto veel meer spreekt. Kijk zelfs eens naar een aantal foto's op het internet of van jezelf en bekijk welke "standaard" foto's regelmatig in trek zijn. Vaak zijn dit foto's waarbij het standpunt laag tot zeer laag was en het dier dus heel erg opvalt. Een ander voordeel is dat de zon, want je zal toch voornamelijk rondom de vroege en late uren fotograferen, mooi op het dier schijnt of dat je mooi tegenlicht hebt.

Dan iets over het oog! Bij een laag standpunt alleen ben je er namelijk nog niet. Als je een dier echt mooi op de foto wilt krijgen dan is het uiteraard de moeite waard om extra te letten op hoe je het oog fotografeert! Het oog trekt toch meestal de aandacht en daardoor let je er tijdens een foto zelf ook altijd sneller op. Het oog geeft namelijk het idee dat je in de ziel van een levend wezen kijkt, het is iets wat een boom, een steen of wat dan ook niet heeft! Het oog mag centraal staan in de foto, behalve wanneer je er bewust dus niet de focus op legt.

9. Wees eens creatief met fotograferen

Met mijn laatste punt van het oog kom ik eigenlijk ook gelijk bij het volgende aan: het oog hoeft niet altijd in beeld te zijn. Wees dus eens creatief en ontwikkel je eigen stijl op die manier. Zelf vind ik het prachtig om op een goede manier "te ver" in te zoomen. Een slurf van een olifant waarbij je de textuur van de huid goed of een close-up van een leeuw waarbij je eigenlijk net niet meer zijn volledige hoofd in beeld hebt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan contrasten, kleuren en texturen die je duidelijk kan zien. Dieren die heel karakteristiek zijn, zijn hiervoor echt super goed.

Zelf vind ik het nog wel eens leuk om bijvoorbeeld naar een dierentuin te gaan en gewoon eens hard te oefenen met mijn camera. Zelf vind ik bijvoorbeeld stokstaartjes heel gaaf om te fotograferen, maar ook bijvoorbeeld tijgers, pauwen, olifanten en apen zijn erg leuk. Creatief fotograferen vereist wel dat je enigszins een idee hebt wat je al doet qua techniek en dat je voor ogen kan zien hoe de foto er ongeveer uit gaat zien. Gelukkig heb je al bedacht hoe je foto er ongeveer uit moet zien, dus dit mag geen probleem meer zijn.

10. Let op de omgeving

De omgeving is heel erg belangrijk voor een foto. Vaak hebben soorten een soort iconische omgeving waar ze in voorkomen. Een luipaard hoort in een boom, een eend hoort dichtbij het water, de zebra hoort over de savanne te lopen (met ideaal gezien een boom dichtbij) en zo kan ik nog wel eventjes doorgaan. Daarnaast is het goed om te letten op de omgeving in verband met de achtergrond en de te verwachten bewegingen. Mijn tip hierbij is dan ook dat je altijd kijkt naar wat de achtergrond gaat doen. Wanneer het herfst is krijg je soms prachtige kleuren waardoor de wildlife nog meer eruit springt!

Een keuze van seizoen, plaats en dus daarmee je omgeving bepaalt heel erg hoe jouw foto eruit gaat zien, let er daarom dus altijd op!

11. Een bonus tip

Een hele korte, maar makkelijke en belangrijke bonustip: leer goed gebruik te maken van in ieder geval lightroom - en idealiter - ook van photoshop. Je kan hiermee je foto's in een paar klikken zo ontzettend veel beter laten lijken.